Ankerpunt op het dak: zo beschermt het je tegen vallen
Bijgewerkt op
Een ankerpunt op het dak is een vast punt waaraan je je harnas vasthaakt. Glijd je uit, dan vangt het ankerpunt samen met je lijn je val op. Toch is het niet de eerste keuze. De wet vraagt eerst een leuning of een net, en pas daarna een ankerpunt op het dak.
In dit artikel lees je hoe zo'n ankerpunt werkt. Je ziet welke types de norm EN 795 kent. Je leest hoe je ze zonder boren op een plat dak zet. En je leest hoe je ze veilig gebruikt en hoe vaak je ze laat keuren. Zo weet je welk ankerpunt bij jouw gebouw past.
In dit artikel:
Wat is een ankerpunt op het dak?
Een ankerpunt is een sterk punt op het dak, de muur of de structuur van een gebouw. Je haakt er je harnas aan vast met een lijn. Zo blijf je aan het gebouw vast terwijl je op hoogte werkt.
Je kunt een ankerpunt op twee manieren gebruiken. Met een lijn die een val opvangt, beperk je de gevolgen van een val. Met een korte lijn kom je niet tot aan de rand. Dat heet gebiedsbeperking. Bij beide gebruik je een harnas met een lijn aan het ankerpunt.
Een ankerpunt is persoonlijke bescherming. Het beschermt alleen wie aangelijnd is. Een leuning langs de dakrand beschermt iedereen op het dak, ook wie geen harnas draagt.
Wanneer heb je ankerpunten op het dak nodig?
Kun je bij je werk meer dan 2 meter vallen? Dan moet de werkgever de werkplek beveiligen. Eerst kies je voor collectieve bescherming, zoals een leuning of een net.
Die grens van 2 meter staat in de Codex over het welzijn op het werk, boek IX, titel 1. Een harnas aan een ankerpunt komt pas aan bod als collectieve middelen het risico niet genoeg beperken (art. IX.2-2). Een ankerpunt kan dan helpen bij kort werk op een dak zonder leuning. Denk aan een inspectie of het reinigen van een goot.
Is het minder dan 2 meter hoog? Dan kijkt de werkgever in de risicoanalyse of er toch een risico is. Meer uitleg vind je in ons artikel over wanneer valbeveiliging verplicht is in België.
Welke types ankerpunten kent de norm EN 795?
De norm EN 795 deelt ankerpunten in vijf types in, van A tot E. Het type zegt hoe het ankerpunt vastzit. Een metalen ankerpunt moet in de test een kracht van 12 kN houden: ongeveer het gewicht van 1.200 kg.
| Type | Hoe het vastzit | Voorbeeld |
|---|---|---|
A | Vast aan de structuur van het gebouw | Een ankerpunt geschroefd in beton of staal |
B | Tijdelijk, zonder het aan de structuur vast te maken | Een band rond een balk |
C | Een soepele lijn die bijna horizontaal loopt (tot 15°) | Een levenslijn met een staalkabel |
D | Een stijve lijn die bijna horizontaal loopt (tot 15°) | Een rail boven een laadkaai |
E | Blijft staan door zijn gewicht, op een helling tot 5° | Een ankerpunt met een dood gewicht op een plat dak |
EN 795 gaat over ankerpunten voor één persoon. Voor ankerpunten die meer mensen tegelijk gebruiken, is er CEN/TS 16415. Hoeveel mensen aan één ankerpunt mogen, lees je in de handleiding van de fabrikant.
Hoe zet je een ankerpunt vast op een plat dak?
Op een plat dak kan een ankerpunt zonder boren. Je kiest een ankerpunt met een dood gewicht, of je lijmt het op de dakbedekking. Op een metalen dak zet je het ankerpunt vast op de dakplaten.
Dit zijn de gangbare manieren:
Dood gewicht (type E): het ankerpunt blijft staan door zijn gewicht. Dat kan op een plat dak met een helling tot 5°.
Verlijmd: het ankerpunt staat op een schijf die je op de dakbedekking lijmt. Dat kan op bitumen, EPDM, TPO of PVC.
Vast in de structuur (type A): je schroeft het ankerpunt in beton of staal.
Op een metalen dak: het ankerpunt zit op een plaat die je op de dakplaten vastzet.
)
Welke manier past, hangt af van je dakbedekking, de isolatie en de sterkte van de structuur. Volg altijd de handleiding van de fabrikant. Het ankerpunt moet stevig en stabiel genoeg zijn (art. IX.2-25). Wil je ze laten plaatsen? Lees dan meer over ankerpunten voor je dak.
)
Ankerpunt of levenslijn: wat past bij jouw dak?
Werk je op één plek? Dan is een los ankerpunt vaak genoeg. Moet je over een lang stuk dak lopen? Dan past een levenslijn beter, want je loopt aangelijnd langs de lijn.
Een levenslijn is een kabel of rail tussen ankerpunten. In het Engels heet dat een lifeline. Lifelinesystemen vallen onder type C (soepele kabel) of type D (stijve rail) van EN 795. Bij losse ankerpunten haak je je om als je naar een ander punt gaat. Lees meer over levenslijnen op het dak.
)
Hoe gebruik je een ankerpunt veilig?
Gebruik altijd een harnas, geen gewone gordel. Maak de lijn tussen je harnas en het ankerpunt zo kort als het kan. Zo val je zo weinig mogelijk.
Deze regels komen uit de Codex over het welzijn op het werk, boek IX, titel 2:
Bij elk gebruik kijkt iemand met de juiste opleiding je harnas en je lijn na (art. IX.2-21).
De vrije ruimte die je onder je nodig hebt, staat in de handleiding van de fabrikant (art. IX.2-25).
Je gebruikt je harnas en je lijn alleen waarvoor ze gemaakt zijn (art. IX.2-16).
De werkgever zorgt eerst voor uitleg en een opleiding (art. IX.2-23 en IX.2-24).
)
Hoe vaak laat je ankerpunten keuren?
Bij normaal gebruik laat je ankerpunten en levenslijnen elk jaar keuren. Dat vragen de fabrikanten en de norm EN 365 meestal. Hoe vaak precies, hangt af van hoe vaak je ze gebruikt en van de plek.
Voor je harnas en je lijn geldt een vaste regel. Een erkende externe dienst voor technische controles (EDTC) onderzoekt ze. Dat gebeurt minstens om de 12 maanden en na elke val (art. IX.2-26). Na een val laat je ook het ankerpunt nakijken voordat je het weer gebruikt. Bewaar alle verslagen, zodat je ze kunt tonen bij een controle.
Meer over de keuring lees je in ons artikel Is de keuring van valbeveiliging verplicht?
Welke fouten maak je best niet?
Een ankerpunt beschermt je alleen als alles klopt: het ankerpunt, het harnas, de lijn en de keuring. Let daarom op deze fouten.
Je kiest een ankerpunt terwijl een leuning of een net mogelijk is.
Je gebruikt een gewone gordel in plaats van een harnas.
Je lijn is te lang, waardoor je dieper valt dan nodig.
Je zet een ankerpunt met een dood gewicht op een dak met een helling van meer dan 5°.
Je slaat de jaarlijkse keuring of de controle na een val over.
Je haakt meer mensen aan één ankerpunt dan de fabrikant toelaat.
Dakanker voor valbeveiliging of voor zonnepanelen?
Het woord dakanker kan twee dingen betekenen. Soms is het een ankerpunt voor je harnas. Soms is het een anker dat zonnepanelen op het dak vastzet.
Een anker voor zonnepanelen houdt de panelen op hun plaats. Het is dus niet zomaar een ankerpunt voor je harnas. Haak je harnas alleen vast aan een ankerpunt dat daarvoor gemaakt is, zoals een ankerpunt volgens EN 795. Over ankers voor zonnepanelen lees je meer in mechanische bevestiging van zonnepanelen met dakankers.
Ankerpunten op je dak laten plaatsen?
We plaatsen ankerpunten op platte en schuine daken, op muren en op machines, in heel België. Waar het kan, kiezen we eerst voor collectieve bescherming.
We komen langs en zetten in een verslag alle gevaren op je dak op een rij. Daarna krijg je een voorstel en een offerte. Vraag een offerte aan. Zo kies je samen met ons het juiste ankerpunt op het dak.
Veelgestelde vragen
Mag je een ankerpunt gebruiken met een gewone gordel?
Nee. In een systeem dat een val opvangt, mag je alleen een harnas gebruiken. Een gewone gordel of een zitgordel mag je alleen gebruiken om je op je werkplek in positie te houden. Dat staat in de Codex over het welzijn op het werk (art. IX.2-25). Het harnas hangt met een korte, buigzame lijn aan het ankerpunt. Zo blijft je valhoogte zo klein mogelijk. Twijfel je welk harnas en welke lijn passen? Kijk dan in de handleiding van de fabrikant.
Hoeveel kracht moet een ankerpunt houden?
Een metalen ankerpunt moet in de test van EN 795 een kracht van 12 kN houden. Dat is ongeveer het gewicht van 1.200 kg. Dat getal is een testwaarde, geen gewicht dat je zelf mag ophangen. EN 795 gaat over ankerpunten voor één persoon. Voor meer mensen tegelijk is er CEN/TS 16415. Hoeveel mensen er echt aan één ankerpunt mogen, lees je in de handleiding van de fabrikant.
Wat doe je met een ankerpunt na een val?
Gebruik het niet meer tot het is nagekeken. Volg daarbij de handleiding van de fabrikant: die zegt of je het moet vervangen. Voor je harnas en je lijn vraagt de Codex na elke val een onderzoek. Dat doet een erkende externe dienst voor technische controles (EDTC). Die dienst schrijft een verslag. Biedt een onderdeel niet genoeg veiligheid meer? Dan moet het buiten dienst (art. IX.2-26).
Wie is verantwoordelijk voor de ankerpunten op het dak?
De werkgever. Die maakt een risicoanalyse en kiest de beschermingsmiddelen met advies van de preventieadviseur (art. IX.2-10). De werkgever geeft het harnas en de lijn gratis aan de werknemers (art. IX.2-3). Ook zorgt de werkgever voor uitleg en een opleiding (art. IX.2-23 en IX.2-24). Werkt er een externe firma op je dak? Spreek dan vooraf af wie voor de valbeveiliging zorgt.
)
)
)
)
)
)